Door Marija Milenković en Alisa van de Haar (Universiteit Leiden)
Op dinsdag 24 februari 2026 organiseerde Marjolein Hageman, docent Franse taalverwerving aan de Universiteit Leiden, een ontmoeting met de Franse schrijver Boris Marme voor studenten. Marme publiceerde verschillende romans. In 2020 verscheen zijn debuut, Aux armes (Liana Levi), over een politieagent en beveiliger op een Amerikaanse school die tijdens een schietpartij buiten blijft wachten in plaats van het gebouw te betreden, en daar vervolgens op de sociale media sterk om wordt bekritiseerd. De tweede roman van Marme, Appelez-moi César, vertelt hoe een groep tienerjongens tijdens een zomerkamp ’s nachts verdwaalt in de natuur, met dodelijke afloop. Op 16 maart 2026 verscheen L’Oublié (Ed. Amanuensis), een historische roman over een soldaat die tijdens de Franco-Pruisische oorlog gewond raakte. Zijn broer maakte vervolgens een schilderij van deze scene. De roman verkent het spanningsveld tussen kunst en werkelijkheid.

Tijdens de ontmoeting vuurden de studenten een grote hoeveelheid vragen af op de Marme, variërend van de praktijk van het schrijverschap tot stilistische en narratologische keuzes. Meerdere studenten waren geïnteresseerd in hoe Marme zijn schrijverschap combineert met zijn baan als docent op een lycée. Voor Marme is de combinatie van het onderwijs en het schrijverschap ideaal: als docent wordt hij heel direct geconfronteerd met actuele discussies en spanningen in de samenleving, wat een goede voedingsbodem biedt voor zijn romans. Tegelijkertijd biedt het actievere docentschap een mooie afwisseling met het schrijverschap, waarin Marme zijn gedachten heel precies en zorgvuldig kan formuleren, maar dat voor hem ook intens is en veel energie kost. Zijn lessen bieden afwisseling en stof tot nadenken voor zijn literaire werk.
Een belangrijk thema in verschillende romans van Marme is masculiniteit: wat wordt er in de samenleving van mannen verwacht? En hoe staat dat in verhouding tot de complexiteit van het bestaan als adolescent die zijn weg probeert te vinden in een vriendengroep, of als bewaker van een school met veel autoriteit en verantwoordelijkheid? Juist in deze tijden waarin Marme ook zijn eigen leerlingen ziet worstelen met de ‘manosphere’ en met een spanning tussen conservatieve en progressieve visies op genderverhoudingen, vindt hij het belangrijk om in zijn boeken dieper te graven dan de buitenkant en te laten zien waar zijn personages intern mee worstelen. Een ander belangrijk onderwerp waar Marme in zijn romans op ingaat is het idee van heldendom en slachtofferschap: Aux armes laat zien hoe iemand die een heldenrol zou kunnen spelen, die kans om verscheidene reden niet aangrijpt, en daarom vervolgens zelf slachtoffer wordt van publiekelijke aanvallen op de sociale media. In Appelez-moi César belicht Marme de machtsspellen tussen puberjongens, en hoe verschillende personages als het slachtoffer gezien zouden kunnen worden, afhankelijk van het perspectief dat je als lezer aanneemt.
De stijl van Marme werd door verschillende studenten opgemerkt. Appelez-moi César, dat zich afspeelt in de jaren 90, combineert heel bewust het typische argot van een specifieke generatie en sociaal milieu met een meer poëtische, literaire stijl. Op een vraag over de intertekstuele verwijzingen in zijn romans legde Marme uit dat hij graag speelt met het verweven van klassieke referenties in zijn werk: in Aux armes legt hij de keuzes van de protagonist naast die van Theseus in zijn strijd met de Minotaurus. Appelez-moi César maakt al in de titel een duidelijke toespeling op het leven van Julius Caesar. Waar zijn oversteek van de Rubicon het symbolische startsein was van zijn inname van Rome, markeert het oversteken van een beekje door de groep jongens in de roman het begin van een reeks slechte keuzes en machtsspelletjes die uiteindelijk fataal aflopen.

Een van de studenten vroeg zich af of Marme zichzelf ook in een bepaalde literaire stroming zou plaatsen. De auteur antwoordde dat dat een taak voor toekomstige letterkundigen zou zijn, maar dat hij wel heel duidelijk een voorkeur heeft voor fictie die als uitgangspunt een waargebeurde situatie neemt. Zo is hij zelf, net als de vriendengroep in Appelez-moi César, ooit verdwaald geraakt bij een klif, zij het niet met de desastreuze afloop uit het boek. Ook Aux armes is op een waargebeurd verhaal gebaseerd. Het onderwerp trok Marme vanwege de Amerikaanse achtergrond van zijn vrouw. Tijdens het schrijven was hij zich erg bewust van de verschillen tussen de Amerikaanse en Franse cultuur, die hij soms ook als aanleiding aangreep om bepaalde scènes uit te diepen: zo bespreekt een van de eerste scenes van het boek hoe twee tienerjongens door de politieagent van de school met veel autoriteit worden toegesproken vanwege het roken van een sigaret; een scène die door het Franse publiek als een schok komt door het grote contrast met de cultuur op Franse lycées, waar politie-aanwezigheid zeer ongebruikelijk is. Ook de historische romans van Marme gaan uit van waargebeurde feiten, die hij vervolgens tot fictie verwerkt en tot leven brengt met wat hij ‘les moyens du romanesque’ noemt.
Heel waardevol voor de studenten waren ook de adviezen van Marme voor het schrijven, of het nu gaat om een roman of een scriptie: plan regelmatig tijd in om te schrijven, liefst volgens een vaste structuur. Dat helpt ook tegen de schrijfstress: als je het regelmatig blijft doen, wordt de drempel om te gaan schrijven niet te hoog. Zeg ook tegen jezelf: ‘het hoeft niet perfect te zijn’. Blokkeer niet op die ene perfecte zin, uiteindelijk gaat het om het geheel. Marme gaf aan dat hij graag met andere schrijvers praat, omdat ze allemaal worstelen met hun eigen zwakke plekken. Niemand is perfect, en geen enkele tekst is perfect. Maar dat maakt ze niet minder de moeite van het schrijven en lezen waard.
Marija Milenković, derdejaars student Franse Taal en Cultuur:
Boris Marme est un écrivain franco-néerlandais qui habite à Paris. À côté de son travail de romancier, il enseigne dans un lycée de banlieue parisienne : Il est passionné par l’enseignement comme pour l’écriture. Selon lui, l’écriture est un travail solitaire, dans lequel on s’épuise beaucoup. Le travail comme professeur l’aide donc à trouver un équilibre entre deux types de travail qu’il aime. Ses romans sont écrits dans un but personnel : Il adore la création.
Marme aime les héros vulnérables, et tâche de représenter des personnages masculins avec une certaine sensibilité. Wayne (le protagoniste d’Aux Armes) n’est pas un « héros » au sens propre du terme ; peut-être est-il plutôt un anti-héros. Marme aime bien ces complexités et nuances dans les personnages.
Il voudrait créer une image de l’homme moderne, des expressions de genre modernes. Il est féministe, et veut montrer des possibilités et des images positives pour les jeunes.
Il aime aussi les personnages qui font des bêtises. Cela a une force libératrice, car on fait des bêtises dans la vraie vie aussi. Pour lui, il est difficile de lire des romans des autres quand on est un train d’écrire son propre roman. Quelques auteurs préférés de Marme sont Zola, Flaubert, Alexandre Dumas, Céline, et Marguerite Duras. Il aime surtout le style d’écriture très poétique de Zola, mais il admire aussi les auteurs avec un style plus simple. Son rêve pour l’avenir ? Avoir toujours l’inspiration et le temps d’écrire, et toujours pouvoir avoir la possibilité de publier ses livres.
