
Onlangs verscheen bij uitgeverij Brill de wetenschappelijke bundel Aesop’s Heritage: Word, Image, and Education in France, the Low Countries, and Beyond (1500–1800). De bundel werd geredigeerd door Paul J. Smith (Universiteit Leiden) en Dirk Geirnaert en bevat bijdragen van verschillende fabelspecialisten, onder wie Céline Zaepffel (Universiteit Leiden). Aesop’s Heritage onderzoekt de evolutie van de Aesopische fabel in Frankrijk en de Lage Landen van 1500 tot 1800. De bijdragen aan de bundel bestuderen de complexe relatie tussen tekst, illustratie en onderwijs. Belangrijke bronnen voor dit onderzoek zijn de Franse fabelboeken uit de jaren 1540, de fabelillustraties van Marcus Gheeraerts en uiteraard de fabels van Jean de La Fontaine. Het boek werpt nieuw licht op een aantal bekende en minder bekende werken, waaronder een Aesopusschilderij van Roelant Savery; Vlaamse wandtapijten met fabelmotieven; John Ogilby en zijn illustratoren (Stoop, Cleyn, Hollar en Barlow); de fabelillustraties en schilderijen van Oudry; en de omvangrijke productie van geïllustreerde fabelboeken voor kinderen in achttiende- en negentiende-eeuws Frankrijk.
Aesop’s Heritage is een van de uitkomsten van het onderzoeksproject Aesopian Fables 1500–2010: Word, Image, Education, gefinancierd door een NWO Vrije competitie-beurs. Het project stond onder leiding van Paul J. Smith, emeritus hoogleraar Franse letterkunde aan de Universiteit Leiden.
